Verschillende teamleden van het project EU 1,5° Levensstijlen hebben deelgenomen aan de SCORAI-ERSCP-WUR-conferentie in Wageningen, met de titel 'Transforming Consumption-Production Systems Toward Just and Sustainable Futures'.
De teamleden presenteerden onder andere essentiële structurele factoren die duurzame consumptie mogelijk maken of in de weg staan. Leden van onze Adviesraad en vertegenwoordigers van onze partners namen deel aan een paneldiscussie over individuele en structurele visies op de noodzakelijke verandering en we presenteerden de bevindingen van onze Citizen Thinking Labs (burger-denkgroepen). Daarnaast belichtten we de rol van individuele beweegredenen voor verandering en we lieten zien hoe burgers in Letland denken over benodigde veranderingen.
Onze samenvattingen en artikelen zijn hier te vinden en we hebben de volgende presentaties online gezet, waarvan de links onderaan vermeld worden.
- Belemmeringen en mogelijkmakers voor 1,5° Levensstijlen: oppervlakkige en diepgaande structurele factoren die van invloed zijn op levensstijlen en klimaatgovernance
- Hoe structuren veranderingen in voorzieningensystemen en 1,5°-levensstijlen in Europa mogelijk maken of belemmeren
- Voorkeuren, mogelijkmakers en belemmeringen voor 1,5° C-levensstijlkeuzes – bevindingen uit Citizen Thinking Labs (burger-denkgroepen) in vijf EU-landen
- Structurele, sociale en contextuele uitdagingen en hulpbronnen op weg naar een duurzame 1,5°-levensstijl in vijf Europese landen
- In de pas lopen met Europa op weg naar een duurzame toekomst: structurele aanjagers en belemmeringen voor een CO2-arme levensstijl in Spanje
Huidige en verwachte CO2-voetafdruk van huishoudens in de Europese Unie en geselecteerde G20-landen in 2030 en 2050
Belemmeringen en mogelijkmakers voor 1,5° Levensstijlen: oppervlakkige en diepgaande structurele factoren die van invloed zijn op levensstijlen en klimaatgovernance
Halliki Kreinin, Universiteit van Münster, Münster, Duitsland, halliki.kreinin@uni-muenster.de
Steffen Hirth, Universiteit van Leeds, Leeds, Verenigd Koninkrijk, sth@posteo.de
Presentatie: Halliki Kreinin, halliki.kreinin@uni-muenster.de
Pia Mamut, pia.mamut@uni-muenster.de (in persoon)
Consumptie en levensstijlen transformeren naar duurzaamheid is niet mogelijk met individuele gedragsverandering alleen, maar vereist veranderingen in de structuren waarin dit gedrag is ingebed. 'Structuur' is echter een vaag begrip en wetenschappers gebruiken het op verschillende manieren. Gezien de noodzaak om levensstijlen in overeenstemming te brengen met de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs, hebben we een literatuuroverzicht gemaakt en een Delphi-enquête gehouden. De vraag hierachter was welke structuren – direct or indirect – kunnen worden aangewezen als belangrijke belemmeringen of mogelijkmakers van 1,5°-levensstijlen. We willen helderheid scheppen in het onduidelijke beeld van structurele factoren die van invloed zijn op de duurzaamheid van consumptie en levensstijlen door de politieke, economische, technologische en maatschappelijke structuren die in de literatuur als belangrijk worden aangemerkt systematisch te ordenen. Conceptueel doen we dit op basis van de materiële of ideële, alsook de oppervlakkige of diepgaande aard van structuren. Hiermee werpt het artikel licht op de diepgaande en ondoorzichtige materiële en ideële structuren achter de duurzaamheidsimpact van de meer zichtbare, oppervlakkige structuren die gewoonlijk aan de orde komen in openbare discussies over duurzaamheidsgovenance. Oppervlakkige structuren zijn in onze definitie specifieker en zichtbaarder, hebben een beperktere focus, en het is gemakkelijker om specifiek verantwoordelijke actoren aan te wijzen die in de huidige machtsverhoudingen in staat zijn om deze structuren te veranderen. Diepgaande structuren zijn daarentegen breder, minder opvallend, en moeilijker te veranderen, en deze kunnen mogelijk niet worden ontmanteld zonder veranderingen in bestaande machtsverhoudingen.
Uit onze resultaten blijkt dat oppervlakkige structuren doorgaans het streven naar (groene) groei ondersteunen, gericht zijn op technologische efficiëntie en innovatie om impopulaire veranderingen in handelwijzen te vermijden, en een beroep doen op individuele actie en verantwoordelijkheid in plaats van bredere politieke interventie met het oog op structurele verandering. Het transformeren van diepgaande structuren zou als vanzelfsprekend beschouwde steunpilaren van het huidige politieke en economische stelsel, maatschappelijke instituties en de infrastructuur voor technologie en innovatie ter discussie stellen en zo de schijnwerper richten op ongelijkheden en uitbuitingsrelaties binnen samenlevingen en specifiek tussen het wereldwijde Noorden en Zuiden. Het zou de blik ook richten op het voorzien in de behoeften van iedereen binnen planetaire en maatschappelijke grenzen. We concluderen dat zonder veranderingen in materiële en ideële, oppervlakkige en diepgaande structuren niet verwacht kan worden van huishoudens dat ze duurzame keuzes maken (of zelfs hebben) en bijdragen aan duurzaamheid op macroniveau. Daarmee wijst ons onderzoek op de noodzaak om deze diepgaande structuren in aanmerking te nemen en aan te pakken om transformatie effectief te bewerkstelligen.
Belemmeringen en mogelijkmakers voor 1,5° Levensstijlen: Oppervlakkige en diepgaande structurele factoren die het potentieel voor duurzame consumptie bepalen.
Hoe structuren veranderingen in voorzieningensystemen en 1,5°-levensstijlen in Europa mogelijk maken of belemmeren
Halliki Kreinin, Universiteit van Münster, Münster, Duitsland, halliki.kreinin@uni-muenster.de
Steffen Hirth, Universiteit van Münster, Münster, Duitsland, Steffen.Hirth@uni-muenster.de
Doris Fuchs, Universiteit van Münster, Münster, Duitsland, Doris.Fuchs@uni-muenster.de
Inga Belousa, Green Liberty, Letland, inga@zalabriviba.lv
Oksana Mont, Universiteit van Lund, Lund, Zweden, oksana.mont@iiiee.lu.se
Jessika Richter, Universiteit van Lund, Lund, Zweden, jessika.richter@iiiee.lu.se
Edina Vadovics, GreenDependent Institute, Gödöllő, Hongarije, edina@greendependent.org
Presentatie: Halliki Kreinin, halliki.kreinin@uni-muenster.de; Pia Mamut, pia.mamut@unimuenster.de (in persoon)
Hoewel individuen enige ruimte hebben om hun levensstijl te veranderen, zijn diepgaandere structurele veranderingen in productie, verwerking, distributie en consumptie – met andere woorden, in voorzieningensystemen – vereist om wezenlijke stappen te zetten in de richting van een duurzame levensstijl. Dit onderzoek omvat de verzameling en rangschikking van structuren die essentieel zijn voor benodigde veranderingen in voorzieningensystemen om levensstijlen die aansluiten bij de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs te implementeren. Na een bespreking van de verbanden tussen de levensstijlen, actoren, structuren, en systemen op basis van verschillende sociologische beschrijvingen van consumptie, onderzoeken we de structurele factoren die de invoering van duurzame werkwijzen binnen bredere voorzieningensystemen verhinderen of mogelijk maken. Om structuren te categoriseren maken we een onderscheid tussen (1) ideële structuren die te maken hebben met normen, waarden of discours en materiële structuren die te maken hebben met factoren als geld, marktbeheersing en beheersing van technologie of natuurlijke hulpbronnen, en (2) oppervlakkige en diepgaande structuren, waarbij geldt dat dat sommige structuren binnen bestaande machtsrelaties veranderd kunnen worden, terwijl bij andere structuren een fundamentele verandering van bestaande machtsrelaties vereist is. Om de interactie tussen verschillende soorten structuren en de actoren die erbij betrokken zijn goed te kunnen begrijpen, hebben we relevante structuren aangewezen op basis van een literatuuroverzicht van 122 studies. Vervolgens hebben we met een Delphi-methode het aantal structuren teruggebracht tot 22 essentiële structurele belemmeringen en mogelijkmakers. Deze lijst is gebruikt als springplank voor 36 geïnterviewde deskundigen om de structuren op basis van impact te ordenen. Tegen deze achtergrond bespreken we de invloed van voorzieningensystemen op levensstijlen op het gebied van huisvesting, mobiliteit, voeding en vrije tijd. We concluderen dat een gezamenlijke inspanning voor structurele verandering qua omvang vergelijkbaar met of nog groter dan het Marshallplan, mogelijk niet alleen een laatste kans is om een klimaatramp te voorkomen, maar ook een verbetering van welzijn en veiligheid ten opzichte van de huidige situatie betekent.
Voorkeuren, mogelijkmakers en belemmeringen voor 1,5 °C-levensstijlkeuzes – Bevindingen uit burger-denkgroepen in vijf EU-landen
Edina Vadovics, GreenDependent Institute, Gödöllő, Hongarije, edina@greendependent.org
Lena Domröse, adelphi, Berlijn, Duitsland, domroese@adelphi.de
Jessika Richter, Universiteit van Lund, Lund, Zweden, jessika.richter@iiiee.lu.se
Lena Domröse, adelphi, Berlijn, Duitsland, tornow@adelphi.de
Stephanie Cap, Universiteit Leiden, Leiden, Nederland, s.cap@cml.leidenuniv.nl
Michael Lettenmeier, D-mat, Helsinki, Finland, michael@d-mat.fi
Laura Scherer, Universiteit Leiden, Leiden, Nederland, l.a.scherer@cml.leidenuniv.nl
Janis Brizga, Green Liberty, Letland, janis@zalabriviba.lv
Adina Claudia Dumitru, Universiteit van A Coruña, A Coruña, Spanje, adina.dumitru@udc.es
Oksana Mont, Universiteit van Lund, Lund, Zweden, oksana.mont@iiiee.lu.se
Luisa Losada Puente, Universiteit van A Coruña, A Coruña, Spanje, luisa.losada@udc.es
Inga Belousa, Green Liberty, Letland, inga@zalabriviba.lv
Luca Coscieme, Hot or Cool Institute, Berlijn, Duitsland, L.Coscieme@hotorcool.org
Eszter Csiki, GreenDependent Institute, Gödöllő, Hongarije, eszter@greendependent.org
Antti Karjalainen, D-mat, Helsinki, Finland, antti@d-mat.fi
Jari Kolehmainen, D-mat, Helsinki, Finland, jari@d-mat.fi
Elli Latva-Hakuni, Hot or Cool Institute, Berlijn, Duitsland, e.latva-hakuni@hotorcool.org
Matthias Lehner, Universiteit van Lund, Lund, Zweden, matthias.lehner@iiiee.lu.se
Anri Liikamaa, D-mat, Helsinki, Finland, anri.liikamaa@phnet.fi
Nadin Ozcelik, Universiteit van A Coruña, A Coruña, Spanje, nadin.ozcelik@udc.es
Kristóf Vadovics, GreenDependent Institute, Gödöllő, Hongarije, kristof@greendependent.org
Presentatie: Edina Vadovics, edina@greendependent.org
Jessika Richter, jessika.richter@iiiee.lu.se
Lena Domröse, domroese@adelphi.de (in persoon)
Het doel van de Overeenkomst van Parijs is om de opwarming van de aarde bij voorkeur te beperken tot 1,5 °C vergeleken met het niveau vóór de industrialisering. Om dit doel te bereiken zijn naast technologische innovatie ook veranderingen in levensstijl nodig. In het project EU 1,5° Levensstijlen wordt in kaart gebracht en onderzocht welke levensstijlkeuzes aansluiten bij de 1,5 °C-doelstelling op vier consumptiegebieden (voeding, huisvesting, mobiliteit en vrije tijd) in de vijf onderzochte EU-landen: Duitsland, Hongarije, Letland, Spanje en Zweden.
Levensstijlkeuzes zijn onderzocht met een mixed-methodbenadering die bestond uit een literatuuronderzoek, interviews met deskundigen, en Citizen Thinking Labs (burger-denkgroepen). In het literatuuronderzoek is een lijst met relevante CO2-arme levensstijlkeuzes opgesteld. Deze lijst is vervolgens gevalideerd door middel van interviews met 30 deskundigen uit de onderzochte landen en op Europees niveau. De levensstijlkeuzes vormden de basis voor de burger-denklabs (CTL's) waarvoor 20-25 burgers met uiteenlopende sociaal-demografische kenmerken werden geselecteerd in elk onderzocht land. Ter voorbereiding op het CTL beantwoordden de deelnemers vragen over hun huidige levensstijl in een online-enquête. Op basis daarvan werd de CO2-voetafdruk van hun levensstijl berekend in een multiregionale input-output-analyse. Het land-specifieke potentieel voor CO2e-reductie van elke levensstijl is ook berekend. De 'Klimaatpuzzel', een bordspel, is aangepast voor gebruik binnen het project.
In de CTL's gebruikten de deelnemers de puzzel om levensstijlopties te kiezen die passen bij het voor 2030 gestelde doel van 2,5 ton CO2e/cap/jr te bereiken. Individuele voorkeuren voor verschillende keuzemogelijkheden zijn vastgelegd en later geanalyseerd. Daarna zijn belangrijke belemmeringen om bepaalde levensstijlkeuzes in de praktijk te brengen besproken in groepsdiscussies. Deze discussies waren niet alleen gericht op het individuele niveau, maar ook op structurele belemmeringen en wat daaraan te doen is vanuit het gezichtspunt van de burger.
Deze bijdrage bevat een samenvatting van de resultaten van de CTL's en biedt vergelijkend inzicht. Zo waren bepaalde levensstijlkeuzes het minst populair, zoals overschakelen op een volledig veganistisch eetpatroon, of deelopties op het gebied van huisvesting (bijvoorbeeld gereedschap of woonruimte delen) of vervoer (autodelen), terwijl het overschakelen op energiezuinige verlichting en verminderen van voedselverspilling in alle landen populair was. Uit de discussies over persoonlijke en structurele belemmeringen, en de benodigde structurele veranderingen om die te overwinnen, bleek dat kleiner gaan wonen vaak moeilijk is door een gebrek aan betaalbare woonruimte in steden. Veganistisch of vegetarisch eten werd vaak belemmerd door a) een gebrek aan kennis over het bereiden van veganistische/vegetarische alternatieven en b) gezondheidsoverwegingen. Een van de voornaamste structurele belemmeringen om het privégebruik van de auto te beperken was het gebrek aan openbaar vervoer, vooral op het platteland.
In het algemeen leveren de bevindingen van dit onderzoek een bijdrage aan het vinden van mogelijke trajecten naar een 1,5 °C-levensstijl die aanvaardbaar zijn voor burgers. In het onderzoek worden ook structurele veranderingen besproken die bevorderlijk zijn voor de aanvaardbaarheid en het maken van keuzes die momenteel niet de voorkeur genieten van burgers. Deze resultaten zullen worden besproken in Stakeholder Thinking Labs (denkgroepen van stakeholders) met beleidsmakers, in toekomstige Citizen Thinking Labs en later in beleidsworkshops.
Structurele, sociale en contextuele uitdagingen en hulpbronnen op weg naar een duurzame 1,5°-levensstijl in vijf Europese landen
Adina Dumitru, Universiteit van A Coruña, A Coruña, Spanje, adina.dumitru@udc.es
Pilar Vieiro, Universiteit van A Coruña, A Coruña, Spanje, pilar.vieiro@udc.es
Manuel Peralbo, Universiteit van A Coruña, A Coruña, Spanje, manuel.peralbo@udc.es
Montserrat Durán, Universiteit van A Coruña, A Coruña, Spanje, montserrat.duran.bouza@udc.es
Luisa Losada-Puente, Universiteit van A Coruña, A Coruña, Spanje, luisa.losada@udc.es
Presentatie: Luisa Losada-Puente, luisa.losada@udc.es (in persoon)
De urgentie van het bereiken van CO2-neutraliteit tussen 2030 en 2050 in overeenstemming met de overeenkomsten aangenomen door de Europese Unie en haar lidstaten vereist het volgen van strategieën gericht op verandering in dagelijkse consumptiegewoonten, levensstijlen en investeringsbeslissingen. Om dit doel te bereiken is het noodzakelijk om te weten met welke interne en externe bevorderende en belemmerende factoren mensen te maken krijgen wanneer ze een uitstootarme levensstijl kiezen. Een van de doelstellingen van het H2020-project 'Policies and tools for the integration of 1.5° lifestyles' is een beter begrip van de keuzes en uitdagingen waarvoor burgers staan wanneer ze overgaan op een 1,5 °-levensstijl. Hierbij wordt vanuit het perspectief van het huishouden gekeken naar de maatschappelijke, politieke en economische structuren die burgers als mogelijkmakers of belemmeringen ervaren.
Dit artikel gaat over de belangrijkste structurele, sociale, culturele en/of contextuele uitdagingen en bevorderende factoren waarmee mensen die hun levensstijl hebben veranderd te maken kregen. Een kwalitatief onderzoek met diepte-interviews is uitgevoerd in vijf Europese landen (Duitsland, Hongarije, Letland, Spanje en Zweden). Onderzoeksdeelnemers hadden (ten minste twee jaar geleden) wezenlijke veranderingen doorgevoerd met het oog op het maken van 1,5 °-levensstijlkeuzes op minstens twee gebieden (huishouden, mobiliteit, consumptie, vrije tijd). De belangrijkste resultaten waren de aanwezigheid van structurele (vooral economische, infrastructurele, kennis-, juridische, politieke en technologische) of sociaal-culturele belemmeringen (onder andere een gebrek aan collectieve actie en verantwoordelijkheid, gebrek aan ondersteuning, gebrek aan educatie en zelfs een zekere culturele en sociale inertie). Behalve deze belemmeringen voor verandering in levensstijl zijn er ook structurele hulpbronnen gevonden (vooral economische en infrastructurele, maar ook politieke) alsook contextuele (met betrekking tot de mogelijkheden van landgebruik, mobiliteitsvoorzieningen en hulpbronnen in de directe omgeving) en sociale hulpbronnen (aanvaarding en meer sociaal bewustzijn, wederzijds respect, media-invloed, spiritualiteit, etc.). Sociale ondersteuning bleek bij uitstek een relevant aspect. Deze kon in kleine kring (familie en vrienden) worden gevonden en in een omgeving van gelijkgestemden (bijvoorbeeld duurzaamheidsinitiatieven, sociale en politieke bewegingen op milieugebied). Een omgeving van gelijkgestemden faciliteert de beschikbaarheid van governance, materiaal en, bovenal, kennis en sociale hupbronnen. Samenvattend biedt dit onderzoek meer inzicht in de bevorderende en belemmerende factoren die in de directe en wijdere omgeving aanwezig zijn bij de transitie van burgers naar een CO2-arme levensstijl.
In de pas lopen met Europa op weg naar een duurzame toekomst: structurele aanjagers en belemmeringen voor een CO2-arme levensstijl in Spanje
Nadin Ozcelik, Universiteit van A Coruña, A Coruña, Spanje, nadin.ozcelik@udc.es
Marta Rey-García, Universiteit van A Coruña, A Coruña, Spanje, marta.reyg@udc.es
Vanessa Mato-Santiso, Universiteit van A Coruña, A Coruña, Spanje, vanessa.mato@udc.es
Presentatie: Nadin Ozcelik, nadin.ozcelik@udc.es (in persoon)
Volgens de Overeenkomst van Parijs moet de opwarming van de aarde worden beperkt tot minder dan 2 °C (of nog liever 1,5 °C) vergeleken met het niveau voor de industrialisatie, om de negatieve effecten van de klimaatcrisis aan te pakken (UNFCCC, 2016). Zo staat er ook in het recente rapport van de Intergouvernementele Werkgroep inzake klimaatverandering dat de effecten van de klimaatcrisis ernstiger en duidelijker zijn geworden. Dit heeft geleid tot een oproep tot dringende actie om de uitstoot te verminderen door het veranderen van individuele levensstijlen (IPCC, 2022). Politieke, economische, sociale en technologische factoren kunnen veranderingen in levensstijl faciliteren of belemmeren (Fuchs e.a., 2021; Schanes e.a., 2016). Om duurzame levensstijlen op individueel niveau mainstream te laten worden, is het in de eerste plaats essentieel om de voornaamste structurele aanjagers en belemmeringen voor een 1,5 °-levensstijl aan te wijzen en in de tweede plaats om gepaste maatregelen te nemen om deze aanjagers te bevorderen en de belemmeringen te overwinnen.
Het doel van dit onderzoek is het aanwijzen van de meest relevante structurele aanjagers en belemmeringen voor het maken van de CO2-arme levensstijlkeuzes op de voornaamste consumptiegebieden in Spanje: voeding, mobiliteit, huisvesting en vrije tijd. Daartoe is eerst een literatuuronderzoek gedaan naar structurele aanjagers en belemmeringen voor CO2-arme levensstijlkeuzes. Vervolgens hebben we de resultaten gevalideerd en uitgebreid door 5 semigestructureerde interviews te houden en een denkgroep van stakeholders te organiseren. De deelnemers waren 22 wetenschappers en praktijkmensen met uitgebreide kennis en ervaring op het gebied van duurzame productie en consumptie. De resultaten tonen de relevantste structurele aanjagers op deze consumptiegebieden voor Spanjaarden. Dit zijn: 1) economische maatregelen die circulaire businessmodellen stimuleren, 2) concreet en consistent overheidsbeleid, 3) educatie op het gebied van duurzame ontwikkeling met inbegrip van een leven lang leren, en 4) het verspreiden van goede voorbeelden van duurzame levensstijlen. De relevantste structurele belemmeringen zijn: 1) een gebrek aan consistent klimaat- en duurzaamheidsbeleid, 2) narratieven gericht op groene groei, 3) financiële beperkingen, en 4) een gebrek aan kennis en bewustzijn van duurzame gewoonten. Deze bevindingen verschaffen beleidsmakers waardevolle inzichten om een adequate economische, politieke en sociale basis voor duurzame levensstijlen te ontwikkelen, met name op deze vier consumptiegebieden.
Huidige en verwachte CO2-voetafdruk van huishoudens in de Europese Unie en geselecteerde G20-landen in 2030 en 2050
Stephanie Cap, Universiteit Leiden, Leiden, Nederland, s.cap@cml.leidenuniv.nl
Arjan de Koning, Universiteit Leiden, Leiden, Nederland, koning@cml.leidenuniv.nl
Laura Scherer, Universiteit Leiden, Leiden, Nederland, l.a.scherer@cml.leidenuniv.nl
Presentatie: Stephanie Cap
Scenario's waarin de opwarming van de aarde beperkt blijft tot 1,5° C bevatten een combinatie van maatregelen om de emissiereductiedoelstellingen te halen. De meest ambitieuze trajecten naar emissiereductie omvatten grootschalige technologische verandering, zoals het gebruik van hernieuwbare energie, inzet van CO2-afvang en -opslag en algehele efficiëntieverbetering in alle economische sectoren. Het aandeel van technologische of gedragsverandering noodzakelijk voor de beperking van klimaatverandering is over het algemeen onderzocht vanuit een statisch perspectief. Hierdoor ontstaat er geen inzicht in de wijze waarop de noodzaak van beperking door gedragsverandering wordt beïnvloed door mogelijke economische en technologische ontwikkelingen.
In dit onderzoek is een wereldwijd aanbod- en gebruikstabelkader uit EXIOBASE 3 aangepast overeenkomstig bestaande klimaatveranderingsscenario's om scenariomodellen op te stellen voor de ontwikkeling van op consumptie gebaseerde voetafdrukken in 2030 en 2050. De exogene veranderingen die voor elk scenario zijn toegepast zijn de basisonderdelen van Shared Socio-Economic Pathway 1 (SSP1) en technische veranderingen in overeenstemming met lagere niveaus van antropogene krachten zoals gemodelleerd door het integrated assessment model IMAGE. Directe en tweede-orde aanpassingen door balanceren worden achtereenvolgens doorgevoerd voor wijzigingen in bevolking, bruto binnenlands product, economische structuur, totale factorproductiviteit, mix van elektriciteitsopwekking, elektrificatie en gebruik van biobrandstoffen in de vervoerssector, brandstofverschuivingen voor de verwarmings- en productiesector, en invoering van CO2-afvang en -opslag in de industrie. Veranderingen die mogelijk samenhangen met gedragsverandering, zoals het gebruik van elektrische voertuigen door huishoudens, zijn buiten beschouwing gelaten om de effecten van technologische verschuivingen te isoleren. Na het omzetten van de aangepaste aanbod- en gebruikstabellen naar een multiregionaal input-outputmodel zijn verschuivingen in de finale vraag door toegenomen rijkdom gemodelleerd door uitgaven in verband met de finale vraag aan te passen op basis van uitgavenportefeuilles afgeleid van budgetonderzoeken onder huishoudens. De aldus verkregen scenariomodellen zijn gebruikt om te bepalen in welke mate technologische verandering alleen de uitstoot van broeikasgassen kan verminderen in een groep van 30 landen, waaronder de EU-27 en drie G-20-landen (Indonesië, Mexico en Zuid-Afrika).
In dit onderzoek berekenen we de resterende vermindering door veranderingen in levensstijl (of negatieve-emissietechnologieën) die zelfs bij een uitgebreide technologische transformatie benodigd is. De resultaten wijzen erop dat geen enkel land naar verwachting een mediaan met 1,5° C verenigbaar doel behaalt dat evenredig verdeeld is over de wereldbevolking. De enige landen die in 2030 mogelijk nog op een 1,5° C-traject zitten, zijn Kroatië en Indonesië. Onder de grootste aanjagers van uitstootverandering zijn veranderingen in totale factorproductiviteit, bruto binnenlands product, de mix van elektriciteitsopwekking en inzet van CO2-afvang en -opslag. Onze resultaten leveren een bijdrage aan de toenemende hoeveelheid literatuur waarin het belang van individuele gedragsverandering voor de beperking van klimaatverandering wordt aangetoond. In verder onderzoek kan worden gekwantificeerd hoeveel gedragsveranderingsmogelijkheden nodig zijn om binnen de doelstelling van 1,5 °C uit de Overeenkomst van Parijs te blijven.
Bron van de afbeelding: EU 1,5° Levensstijlen-consortiumpartners